Chowder
voor 4 personen
Stevige knuffelsoep met vis
Ik weet niet hoe het met u zit, maar nu de klok een uur terug is gezet, zit ik geheel in de herfstmodus. Ik wil een warme knuffeltrui aan, ik wil fietsen door de mist, blaadjes schoppen in het bos en ik wil soep. Nou wil ik altijd wel soep, daar hoeft het geen najaar voor te zijn. Maar nu wil ik stévige soep. Soep waar je iets aan hebt, lekkere maaltijdsoep.
Wat houd je tegen, zult u zeggen. Nou, dat is mijn kroost. Dat blieft geen maaltijdsoep. Een van de eerste keren dat ik soep als avondeten op tafel zette, heb ik uiteindelijk mijn moeder moeten bellen. Want alleen oma kon mijn dochter overtuigen dat soep in de avond prima kan. En nog at ze het niet van harte.
Daar heb ik nu wat op gevonden. Ik noem het gewoon geen soep meer. Vanavond eten we chowder. Deze Engelse term laat zich maar lastig vertalen: het is geen soep, maar ook geen stoofpot. Deze stevige roomsoep met vis zit ertussenin. Hij is snel klaar, dus u heeft meer tijd voor het struinen door de herfstbladeren.
Uit: Volkskrant – Tallina van den Hoed
Ingrediënten:
- 1 ui
- 1 stengel bleekselderij
- 100 g wortel
- 50 g boter
- 50 g bloem
- 0,5 liter halfvolle melk
- 1 liter visbouillon
- 1 theel. verse tijmnaaldjes
- 1 dunne prei
- 100 g champignons
- 100 g zalm en 100 g kabeljauw (of: 1 blikje maiskorrels)
- 250 ml room
- 2 eetl. gehakte kervel
- zout, peper
Snipper de ui, schil de bleekselderij en de wortel met een dunschiller en snijd daarna in plakjes. Smelt de boter in een ruime pan en doe ui, bleekselderij en wortel erin. Laat dit alles op een matig vuurtje garen tot de groente zacht is. Maar pas op, de boter mag niet bruinen. Doe de bloem erbij en roer goed. Laat ook nu weer zachtjes bakken: de bloem moet wel garen, maar mag niet bruin worden.
Voeg na een minuut of 4 scheut voor scheut al roerend de melk erbij. Roer net zo lang tot u geen klontjes bloem meer ziet. Doe dan de bouillon en de tijm erbij. Laat aan de kook komen. Snijd de prei doormidden, was het zand eruit en snijd in dunne plakjes. Veeg de champignons schoon en snijd die ook in plakjes. Voeg aan de soep toe en snijd, terwijl ze garen, de vis in dobbelstenen. Doe ook bij de soep. Na 2 tot 3 minuten is de vis gaar. Roer de room door de soep, proef op smaak en voeg desgewenst zout en peper toe.
Schenk de chowder in diepe borden, garneer met kervel (of een ander groen kruid; bieslook is ook lekker) en eet met bruin brood met boter. Wilt u geen vis? Vervang de bouillon door kruidenbouillon en de vis door een klein blikje mais. Wilt u liever andere vis? Gekookte mosselen zijn ook erg lekker.
